Het eiland is groot genoeg dat het strand dat je kiest bepaalt wat voor vakantie je krijgt. Dit is het eerlijke verschil.
Vind een kamer voordat je vertrekt.
Phuket is vijftig kilometer lang, en de rit van het vliegveld in het noorden naar Rawai in het zuiden duurt ruim een uur. Dat ene gegeven bepaalt meer over je week dan welke hotelrecensie ook: een goedkope kamer op de verkeerde plek kost je twee uur per dag in een minibus.

Aan de westkust liggen vrijwel alle stranden die die naam verdienen, op een rij van Mai Khao in het noorden tot Nai Harn in het zuiden. De oostkust is waar het eiland werkt — pieren, scheepswerven, de oude stad — en waar bijna niemand zwemt. Kies het westen, en kies daarna hoe luid je het wilt.
Affiliate-link. Boek je via deze link, dan krijgen wij commissie, zonder extra kosten voor jou.
Patong is de luide, en verontschuldigt zich daar niet voor. Alles is lopend te doen — bars, kleermakers, massagesalons, het strand zelf — en het is het enige deel van Phuket waar je echt geen vervoer nodig hebt. Zoek je rust, dan is het meteen de slechtst denkbare keuze.
Kata en Karon liggen net ten zuiden en zijn het gezinscompromis: breed zand, restaurants langs de weg, een behapbare hoeveelheid lawaai. Karon is langer en rustiger, Kata kleiner en gezelliger, met surf van mei tot oktober.

Nai Harn en Rawai, helemaal in het zuiden, is waar langblijvers terechtkomen. Nai Harn heeft het betere strand, Rawai de betere vis en een werkende vissteiger, en beide voelen als een dorp waar mensen echt wonen in plaats van een strook resorts.
Het noordwesten — Bang Tao, Layan, Nai Yang, Mai Khao — is resortland: lang, bijna leeg zand en hotels die gebouwd zijn om je binnen te houden. Het juiste antwoord voor een huwelijksreis of een week met kleine kinderen, en het verkeerde als je lopend uit eten wilt.

Kata of Karon. Daar zit het zwemwater, de restaurants en genoeg vervoer om de rest van het eiland te zien, zonder het volume van Patong.
Karon, Kata of de resorts in het noordwesten. Karon heeft het rustigste zwemwater en een lang, vlak strand; het noordwesten heeft de ruimte, maar je hebt een auto nodig.
Voor een nacht of twee wel — de oude stad is het interessantste deel van het eiland. Maar er is geen strand, dus de meesten combineren het met een verblijf aan de kust.
Twintig minuten naar Nai Yang en Mai Khao, vijfenveertig naar Patong en een uur en een kwartier naar Nai Harn of Rawai in het zuiden.
Meer gidsen over Phuket en de Andamankust — en over de rest van de Thaise eilanden.